Vidacto maakt niet openbaar met welke testuitgever het werkt, dus de eerlijke aanpak is: je uitnodiging is je belangrijkste bron. Daarin staat vrijwel altijd hoeveel tijd je moet reserveren, uit hoeveel onderdelen het assessment bestaat en soms de naam van de test. Wat je bij een Nederlandse capaciteitentest praktisch altijd tegenkomt, zijn reeksen — met getallen of met figuren — en een verbaal onderdeel. Die drie oefen je hieronder.
Drie dingen uit die mail bepalen je voorbereiding. De tijd: een test van twintig minuten is een snelheidstest, een van een uur vraagt vooral volhouden. Het aantal onderdelen: hoe meer losse blokken, hoe belangrijker het is dat je tussen vraagtypen kunt schakelen. Of je hem thuis maakt: is dat zo, dan kan er later een korte controletest onder toezicht volgen — een reden om de test echt zelf te maken.
Weet je na je uitnodiging meer over de testvorm? Kijk dan ook op onze capaciteitentest-pagina, waar alle onderdelen op een rij staan. Onze oefentesten bootsen vraagvormen en tijdsdruk na; het zijn geen kopieën van de opgaven van een specifieke uitgever.
Er zijn grofweg zes verschillende soorten patronen te herkennen die vaak worden toegepast bij cijferreeksen. Door de uitleg met voorbeeldopgaven van de verschillende patronen goed te bestuderen, zul je de patronen makkelijker herkennen tijdens het assessment, sneller werken en minder fouten maken.
Je kunt direct een gratis cijferreeksen oefenassessment doen om te kijken waar je staat. Na afloop van de test krijg je toegang tot de uitgewerkte antwoorden en zie je hoe goed je hebt gescoord ten opzichte van de andere mensen die deze test hebben afgerond.
We raden je aan om minimaal 3 oefensets te doen met tijdsdruk. Aan het einde van elke oefenset geven we aan hoe je score zich verhoudt tot de normgroep en of je sneller of juist preciezer moet werken om een zo hoog mogelijke score op je assessment te halen. Op deze manier weet je precies wanneer jij optimaal voorbereid bent.
Bekijk de resultaten van de assessments die je hebt afgerond om te bepalen of je optimaal voorbereid bent voor het onderdeel cijferreeksen. Door op een assessment te klikken, krijg je meer gedetailleerde resultaten te zien met persoonlijk advies gebaseerd op jouw resultaten ten opzichte van de normgroep.
Er zijn verschillende soorten patronen te herkennen die vaak worden toegepast bij figuurreeksen. Door de uitleg met voorbeeldopgaven van de verschillende patronen goed te bestuderen, zul je de patronen makkelijker herkennen tijdens het assessment, sneller werken en minder fouten maken.
We raden aan om minimaal 3 oefensets te doen met tijdsdruk. Aan het einde van elke oefenset geven we aan hoe je score zich verhoudt tot de normgroep en of je sneller of juist preciezer moet werken om een zo hoog mogelijke score op je assessment te halen. Op deze manier weet je precies wanneer jij optimaal voorbereid bent.
Bekijk de resultaten van de assessments die je hebt afgerond om te bepalen of je optimaal voorbereid bent voor het onderdeel cijferreeksen. Door op een assessment te klikken, krijg je meer gedetailleerde resultaten te zien met persoonlijk advies gebaseerd op jouw resultaten ten opzichte van de normgroep.
Bij het oplossen van Analogieën moet je een relatie tussen twee woorden vinden en deze vervolgens toepassen op twee andere woorden. Denk bijvoorbeeld aan:
damp staat tot water als water staat tot ...
1. verhitten 2. fase 3. vocht 4. ijs 5. verkoelen
De beste manier om analogieën op te lossen is over het algemeen om een logische zin te vormen die beide relaties kan beschrijven. Het antwoord is in dit geval ijs: "Als je damp verkoelt, krijg je water. Als je water verkoelt, krijg je ijs".
Er zijn oneindig veel relaties in de wereld, maar de meeste opgaven in het assessment zijn terug te voeren op een beperkt aantal soorten relaties. Deze meest voorkomende relaties worden hieronder behandeld met een korte uitleg. Door deze uitleg goed door te nemen en de bijbehorende oefenopgaven te maken, zul je de relaties steeds makkelijker herkennen en met vertrouwen je assessment in gaan.
We raden aan om minimaal 3 oefensets te doen met tijdsdruk. Aan het einde van elke oefenset geven we aan hoe je score zich verhoudt tot de normgroep en of je sneller of juist preciezer moet werken om een zo hoog mogelijke score op je assessment te halen. Op deze manier weet je precies wanneer jij optimaal voorbereid bent.
Bekijk de resultaten van de assessments die je hebt afgerond om te bepalen of je optimaal voorbereid bent voor het onderdeel cijferreeksen. Door op een assessment te klikken, krijg je meer gedetailleerde resultaten te zien met persoonlijk advies gebaseerd op jouw resultaten ten opzichte van de normgroep.