Vergelijk aantallen, mengsels, schaal en productiviteit. Twee oefensets van tien vragen met uitleg. Begin met het voorbeeld en oefen daarna zelfstandig.
Oefenset 1 bevat tien vragen in de vorm van de TestGorilla-module Numerical Reasoning. Na afloop zie je je score en per vraag welke stap je miste. Maak daarna oefenset 2 en de aparte moduletoets op de TestGorilla-pagina.
Zet een verhouding om in gelijke delen en bepaal de waarde van één deel.
Controleer of beide hoeveelheden evenredig of juist omgekeerd evenredig veranderen.
Een buurtfonds verdeelt € 12.000 subsidie over de speeltuinvereniging en het zangkoor in de verhouding 5 : 3.
Hoeveel subsidie krijgt de speeltuinvereniging?
Juist: € 7.500
Een verhouding 5 : 3 betekent: van elke 8 gelijke delen gaan er 5 naar de een en 3 naar de ander. Tel dus eerst de verhoudingsgetallen op: 5 + 3 = 8 delen. Eén deel is € 12.000 / 8 = € 1.500. De speeltuinvereniging krijgt 5 delen: 5 x € 1.500 = € 7.500. Controle: het zangkoor krijgt 3 x € 1.500 = € 4.500 en samen is dat weer € 12.000.
Waarom de andere opties niet kloppen:
- € 2.400: Hier is het bedrag door het verhoudingsgetal 5 gedeeld in plaats van door het totaal van 8 delen.
- € 4.500: Dit is het deel van het zangkoor (3 van de 8 delen), niet dat van de speeltuinvereniging.
- € 7.200: Hier is 3/5 van het bedrag genomen: de twee verhoudingsgetallen zijn op elkaar gedeeld in plaats van op het totaal van 8 delen.