TestGorilla Grafieken interpreteren
Lees staafgrafieken, lijngrafieken en cirkeldiagrammen en vergelijk ontwikkelingen.
Oefen deze vraagsoort
Twee oefensets van tien eigen vragen met uitleg. Bekijk eerst het uitgewerkte voorbeeld.
Na afloop zie je meteen je score en de uitleg.
Volgende oefenset
Oefen verder met nieuwe vragen van dezelfde vraagsoort. Ontgrendel alle sets met premium.
Grafieken interpreteren: uitleg en voorbeeld
Aanpak
Zoek eerst in de grafiek welke staven, lijnpunten of cirkelsectoren bij de vraag horen en waarop een percentage slaat. Reken daarna, bij groei vanaf de beginwaarde.
Veelgemaakte fout
Reken niet met een andere periode of lijn dan de vraag noemt, zoals het hele jaar in plaats van de tweede helft of een staaf uit het verkeerde kwartaal.
Uitgewerkt voorbeeld
Een fietsenwerkplaats houdt bij hoeveel reparaties er per maand worden uitgevoerd. De grafiek toont het eerste halfjaar.
Hoeveel reparaties voerde de werkplaats gemiddeld per maand uit?
- 150 reparaties
- 210 reparaties
- 215 reparaties
- 252 reparaties
Bekijk antwoord en uitleg
Juist: 210 reparaties
Een gemiddelde per periode is het totaal gedeeld door het aantal perioden. Tel alle staven op: 150 + 190 + 240 + 280 + 250 + 150 = 1.260. De grafiek toont zes maanden, dus 1.260 / 6 = 210 reparaties per maand. Controleer ook of je uitkomst tussen de laagste en de hoogste staaf ligt.
Waarom de andere opties niet kloppen:
- 150 reparaties: Dit is het gemiddelde van alleen de eerste en de laatste maand.
- 215 reparaties: Dit ligt precies tussen de hoogste en de laagste staaf; de maanden daartussen tellen dan niet mee.
- 252 reparaties: Hier is het totaal door vijf gedeeld in plaats van door de zes maanden in de grafiek.
Wat je kunt verwachten
- Twee sets van tien vragen met uitleg.
- Eén correct antwoord per vraag. Oefen met of zonder onze oefenklok.
Tips om hoger te scoren
- Zoek eerst in de grafiek welke staven, lijnpunten of cirkelsectoren bij de vraag horen en waarop een percentage slaat. Reken daarna, bij groei vanaf de beginwaarde.
- Reken niet met een andere periode of lijn dan de vraag noemt, zoals het hele jaar in plaats van de tweede helft of een staaf uit het verkeerde kwartaal.
Lees staafgrafieken, lijngrafieken en cirkeldiagrammen en vergelijk ontwikkelingen. Twee oefensets van tien vragen met uitleg. Begin met het voorbeeld en oefen daarna zelfstandig.