Cebir levert de tests voor onder meer de politie, en daar bestaat de selectie uit twee losse onderdelen: een cognitieve capaciteitentest en een taaltest. De cognitieve test is adaptief — de moeilijkheid past zich aan je antwoorden aan — en bestaat uit cijferpatronen, letterpatronen en woordrelaties. Slaag je, dan volgt later een verificatietoets om te controleren of je resultaat klopt. Hieronder oefen je beide delen apart.
Merk je halverwege dat de vragen moeilijker worden, dan is dat geen slecht teken — het betekent dat je goed scoort. Je kunt niet terugbladeren, dus elke vraag telt vanaf het begin. Juist daarom is het zonde om de eerste opgaven te verspelen aan onbekendheid met de vraagvorm.
Een verificatietoets is een kortere test onder toezicht met hetzelfde type opgaven. Er wordt gekeken of je score in de buurt komt van je eerdere resultaat. Dat is precies waarom echt oefenen zinvol is en meekijken door iemand anders niet: je moet je eigen niveau kunnen herhalen. Onze oefentesten bootsen de vraagvorm en de tijdsdruk na; het zijn geen kopieën van de echte opgaven.
Er zijn grofweg zes verschillende soorten patronen te herkennen die vaak worden toegepast bij cijferreeksen. Door de uitleg met voorbeeldopgaven van de verschillende patronen goed te bestuderen, zul je de patronen makkelijker herkennen tijdens het assessment, sneller werken en minder fouten maken.
Je kunt direct een gratis cijferreeksen oefenassessment doen om te kijken waar je staat. Na afloop van de test krijg je toegang tot de uitgewerkte antwoorden en zie je hoe goed je hebt gescoord ten opzichte van de andere mensen die deze test hebben afgerond.
We raden je aan om minimaal 3 oefensets te doen met tijdsdruk. Aan het einde van elke oefenset geven we aan hoe je score zich verhoudt tot de normgroep en of je sneller of juist preciezer moet werken om een zo hoog mogelijke score op je assessment te halen. Op deze manier weet je precies wanneer jij optimaal voorbereid bent.
Bekijk de resultaten van de assessments die je hebt afgerond om te bepalen of je optimaal voorbereid bent voor het onderdeel cijferreeksen. Door op een assessment te klikken, krijg je meer gedetailleerde resultaten te zien met persoonlijk advies gebaseerd op jouw resultaten ten opzichte van de normgroep.
Bij letterreeksen krijg je een rij letters die een vast patroon volgt; jij bepaalt welke letter op de plek van het vraagteken hoort. Vrijwel alle opgaven zijn terug te voeren op een paar patronen:
Tip: schrijf op je kladpapier het alfabet met posities uit (A=1, B=2 … Z=26). De verschillen tussen de posities maken elk patroon zichtbaar als een rijtje getallen.
Voorbeeldopgave
C – F – I – L – ?
A. M B. N C. O D. P
Antwoord C is juist: de posities zijn 3, 6, 9, 12 — telkens drie verder. De volgende letter staat op positie 15, en dat is de O.
Sluit af met de makkelijke en moeilijke selecties: makkelijk om vertrouwen op te bouwen, moeilijk om voorbereid te zijn op de lastigste reeksen uit het assessment.
Bij het oplossen van Analogieën moet je een relatie tussen twee woorden vinden en deze vervolgens toepassen op twee andere woorden. Denk bijvoorbeeld aan:
damp staat tot water als water staat tot ...
1. verhitten 2. fase 3. vocht 4. ijs 5. verkoelen
De beste manier om analogieën op te lossen is over het algemeen om een logische zin te vormen die beide relaties kan beschrijven. Het antwoord is in dit geval ijs: "Als je damp verkoelt, krijg je water. Als je water verkoelt, krijg je ijs".
Er zijn oneindig veel relaties in de wereld, maar de meeste opgaven in het assessment zijn terug te voeren op een beperkt aantal soorten relaties. Deze meest voorkomende relaties worden hieronder behandeld met een korte uitleg. Door deze uitleg goed door te nemen en de bijbehorende oefenopgaven te maken, zul je de relaties steeds makkelijker herkennen en met vertrouwen je assessment in gaan.
We raden aan om minimaal 3 oefensets te doen met tijdsdruk. Aan het einde van elke oefenset geven we aan hoe je score zich verhoudt tot de normgroep en of je sneller of juist preciezer moet werken om een zo hoog mogelijke score op je assessment te halen. Op deze manier weet je precies wanneer jij optimaal voorbereid bent.
Bekijk de resultaten van de assessments die je hebt afgerond om te bepalen of je optimaal voorbereid bent voor het onderdeel cijferreeksen. Door op een assessment te klikken, krijg je meer gedetailleerde resultaten te zien met persoonlijk advies gebaseerd op jouw resultaten ten opzichte van de normgroep.
Bij synoniemen krijg je één woord en vier antwoordopties; je kiest de optie die (vrijwel) hetzelfde betekent. Zo pak je het aan:
Voorbeeldopgave
Welk woord betekent hetzelfde als arbitrair?
A. doordacht B. willekeurig C. rechtvaardig D. arbeidzaam
Antwoord B is juist: arbitrair betekent willekeurig. A en C zijn eerder tegenstellingen — een arbitraire keuze is juist níét doordacht of op regels gebaseerd. D lijkt alleen qua klank op het woord (arbeid heeft niets met arbitrair te maken): de klassieke klankafleider.
Train vervolgens met de oefensets hieronder. Na elke set zie je je score en welke woorden je fout had — zo breid je je woordenschat gericht uit.
Sluit af met de makkelijke en moeilijke selecties: makkelijk om vertrouwen op te bouwen, moeilijk om voorbereid te zijn op de lastigste woorden uit het assessment.
Een antoniem is het tegenovergestelde van een synoniem. Bij opgaven bij het onderdeel antoniemen krijg je een woord te zien en moet je uit de mogelijke antwoorden het woord selecteren dat het meest tegengesteld is aan het gegeven woord.
Bijvoorbeeld: Welk woord is het meest tegengesteld aan het woord 'synoniem'?
A: Syllogisme
B: Antoniem
C: Werkwoord
D: Hyperoniem
Het antwoord is B, Antoniem. Niet alle opgaven zullen een antwoord bevatten dat echt tegengesteld is aan het gegeven woord, het is dan de opdracht om het meest tegengestelde woord te vinden.
We raden je aan om minimaal 3 oefensets te doen met tijdsdruk. Aan het einde van elke oefenset geven we aan hoe je score zicht verhoudt tot de normgroep en of je sneller of juist preciezer moet werken om een zo hoog mogelijke score op je assessment te halen. Op deze manier weet je precies wanneer jij optimaal voorbereid bent.
Bekijk de resultaten van de assessments die je hebt afgerond om te bepalen of je optimaal voorbereid bent voor het onderdeel Antoniemen. Door op een assessment te klikken, krijg je meer gedetailleerde resultaten te zien met persoonlijk advies gebaseerd op jouw resultaten ten opzichte van de normgroep.